hit counter joomla

Adventskalender 2017: Kwetsbaar als een kind

adventskalender2017

bestel de kalender

Samen Verder ontvangen via e-mail?

Meld u hier aan!

samenverder

Door u te abonneren op de digitale versie van de SV helpt u om de kosten te drukken en de bezorglast te verminderen.

anbi logo

Geloven als een kind

Enkele weken geleden kwam in de preek voor: ‘geloven als een kind.’ Daar ben ik over gaan nadenken. Dat kind, hoe oud mag het zijn? Ik ben gaan terugdenken hoe oud ik zou zijn geweest dat ik stellig alles geloofde wat mijn moeder of vader zei.

Ik kwam tot de conclusie dat het moet zijn geweest toen ik beweerde: ‘Mijn moeder weet alles en mijn vader kan alles.’ Mijn moeder kon bijvoorbeeld zeggen dat ik iets niet mocht doen en als ik het toch zou doen – al zag zij het niet – het toch zou weten. Daarom was ik zo teleurgesteld toen ik die feestdag begin december niet was zoals het mij was verteld. Toen begon de tijd dat je waarheden in twijfel ging trekken. Toen begon de periode dat je overal ‘waarom?’ vroeg. Dat is dus niet de tijd om alles klakkeloos aan te nemen. Die tijd, die bedoeld wordt, ligt dus eerder, toen ik nog alles kon aannemen als waarheid. Het geloof van een kind, zoals Jezus het bedoelt, is onvoorwaardelijk aanvaarden, accepteren, er open voor staan, aannemen wat de ander je vertelt.

In Math. 18:3 zei Jezus: Voorwaar, Ik zeg u, wanneer gij niet bekeert en wordt als de kinderen, zult gij het Koninkrijk der hemelen niet binnengaan. Dat bedoelde Jezus dus: Zijn Woord aannemen als een kind. Geloven dat Hij de waarheid spreekt en niets dan de waarheid. En niet twijfelen of het allemaal wel waar is, dat je het anders moet opvatten, het niet letterlijk moet nemen, Hij overdrijft altijd zo. In Joh. 6: 67-69: staat dat Jezus tot de twaalf leerlingen zei: “Gij wilt toch ook niet weggaan”? Simon Petrus antwoordde Hem: ”Heer, tot wie zullen wij heengaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven en wij hebben geloofd en erkend, dat Gij zijt de Heilige Gods.” Als wij Jezus’ woorden in twijfel trekken, wie moeten wij dan geloven? Maar nu zijn wij volwassenen en het ligt toch in de aard van de mens om te twijfelen of te vragen om een bewijs. Nu denk ik toch dat wanneer wij twijfelen het niet erg is om dat aan Jezus te bekennen en vergeving ervoor te vragen. Ik denk dat wij niet kunnen groeien in ons geloof als wij geen fouten maken. Een klein kind kan alleen leren lopen als hij of zij niet regelmatig valt en weer opstaat. De beentjes worden steeds sterker om tenslotte met de handjes wijd uit elkaar te lopen zonder te vallen. Zo zullen wij door onze twijfels in het geloof, maar erkennen dat wij tekort schieten, toch sterker in ons geloof worden. En met het vermeerderen van ons geloof, zal ook ons vertrouwen in Hem groeien, wat Hij graag zou willen. Ons gebed tot Jezus zou kunnen zijn: ‘Heer, ik geloof, maar kom mijn ongeloof te hulp'.

Henk Laarman